Selecteer een pagina

Omdat we natuurlijk erg benieuwd zijn waar de YMA leerlingen kan brengen, is er weer een interview met één van de oud-leerlingen. Deze keer stellen we een aantal vragen aan Judith de Haas, violiste.

Je bent violiste, waarom heb je juist voor viool gekozen?

Het is zo gegaan, mijn moeder speelde enthousiast viool als hobby, maar die speelde ook één keer in de week in een amateursymphonieorkest. Ik kreeg dat als kind wel mee, dat ze daar veel plezier aan beleefde, dat ze iedere donderdagavond naar het orkest ging, dat we mee mochten naar concerten… Ik heb toen eigenlijk toen ik heel jong was al gezegd dat ik ook viool wilde spelen. Eerst mocht dat heel lang niet, omdat ik te jong was. Ik was toen een jaar of vier, denk ik.

Toen ik 5 was, heb ik op de basisschool tegen mijn klasgenoten vlak voor Sinterklaas gezegd dat ik een viool zou krijgen van Sinterklaas. Maar ik kreeg er geen… Uiteindelijk, een half jaar daarna, kreeg ik een klein viooltje en mocht ik op les bij Kim Verwater, een oud-leerlinge van Annemieke Corstens. Een aantal jaren later kwam ik bij Annemieke terecht.

Je speelt klassieke muziek, maar speel je ook wel eens muziek uit een ander genre?

Dat is een leuke vraag. Ja, af en toe wel, maar dat komt meer doordat mijn partner pianist en componist is en uit Cuba komt. Als hij muziek schrijft is dat in principe klassieke muziek, maar daar zitten af en toe ook andere ritmes bij dan die wij kennen uit de Europese klassieke muziek.. Dus soms komt er ook wel eens een improvisatie om de hoek kijken en dat is soms best lastig als je zo klassiek geschoold bent, maar ik vind het wel heel leuk om te doen.
Dus, ik zou niet zeggen dat ik Jazz speel, maar ik sta wel open af en toe die richting op te bewegen, als het goede muziek is 😉

Hoe kwam je terecht bij de YMA en wanneer heb je er gestudeerd?

Ik kwam terecht bij de YMA toen ik een aantal jaren les had gehad bij mijn eerste viooldocente. Toen heette het nog de Jong Talentklas. Mijn vader heeft toen ook heel veel gedaan voor de Stichting. Ik heb van mijn 11e jaar tot mijn 18e, tot ik ging studeren, op de YMA gezeten.

Wat betekende de YMA voor je toen je jong was? Kon je het goed inpassen in de rest van je leven?

De YMA is best een belangrijk iets, dus je doet dat niet er zo even naast op zaterdag. Maar, voor mij was mijn viool ook wel echt mijn steun en toeverlaat ook. Dat deed ik heel graag. Mijn ouders hebben nooit hoeven zeggen dat ik moest studeren, dat was iets dat voor mij heel natuurlijk was. Ik denk dat je ook wel, door les te nemen op zo’n hoog niveau, discipline leert te hebben. Dat is ook wel iets waar ik van houd, hard werken. Voor mij was de YMA wel iets waar ik altijd heel graag heenging en waar ik ook andere jonge mensen met dezelfde soort passie vond. Ik voelde me er echt thuis. Ik zat ook op een gewone middelbare school waar ik het naar m’n zin had en ook leuke vrienden had. Maar, voor mij was het wel een verademing als ik dan op dinsdagmiddag en zaterdag naar de YMA kon, want daar zaten dan toch mensen met wie je een stukje van je leven deelt dat voor die leeftijd toch wel uitzonderlijk en ook heel belangrijk voor je is. Ik heb daar altijd veel plezier gehad en mezelf daar thuis gevoeld.

Wat heb je na de YMA gedaan?

Annemieke heeft mij destijds begeleid bij het auditieproces voor verschillende conservatoria, onder andere in Amsterdam en Berlijn. Ik heb bij beide auditie gedaan en werd bij beide aangenomen. Ik ben toen eigenlijk afgegaan op wat voor mij het beste voelde qua docent. Ik heb toen een hele goede professor gevonden in Berlijn. Ik ben toen eigenlijk al vrij jong, op mijn 18e vertrokken. Dat was gewoon een soort van in het diepe worden gegooid. Er waren in mijn studietijd ook audities voor het Europees Jeugdorkest (EUYO), waar ik vervolgens 4 jaar gespeeld heb.. Dat betekent dat je dan studeert aan het conservatorium, maar in de zomers ging ik dan 5-6 weken op tournee met het Europees Jeugdorkest. Ook gedurende de lente was er nog een tournee van twee weken. Je speelt dan met fantastische, wereldberoemde dirigenten. Je bent dan constant met dat orkest aan het repeteren en concerten aan het geven. Gedurende mijn Bachelor ben ik gewisseld van docent van Berlijn naar Leipzig. Toen ben ik bij Carolin Widmann gaan studeren, een fantastische violiste en docente. Daar heb ik mijn bachelor afgemaakt.

Toen ben ik terug naar Nederland gekomen. Mijn geval is een beetje bijzonder, omdat ik altijd heel erg graag naar school ging. Ik had altijd al interesse in andere dingen dan muziek. Voor mij was viool niet het enige in het leven. Ik houd ontzettend veel van muziek, maar ik had ook ambities op andere vlakken. Nog steeds, eigenlijk. Ik heb toen in Amsterdam een studie Europese Studies aan de UvA begonnen. Parallel studeerde ik mijn Master of Music in Tilburg, waar een soort speciaal Master-pakket bestaat waarmee je het programma van je eigen Master kunt inrichten door lessen en cursussen in te kopen. Ik ben toen doorgegaan met vioollessen in Leipzig en Amsterdam, bij Carolin Widmann en Wouter Vossen, terwijl ik in Amsterdam ook nog die andere studie deed. Dat is allemaal prima gegaan, allemaal afgerond. Ik heb overigens die Europese Studies niet afgemaakt, dat was één jaartje. Wel heb ik nog een opleiding gedaan tot Yogadocente, wat me natuurlijk precies de juiste kennis heeft gegeven om de lichamelijke en mentale belasting van een musicus aan te kunnen.

Na mijn Master of Music ben ik terug naar Berlijn gegaan om daar te gaan werken als freelance violiste en dat doe ik nog steeds. Dus ik werk op dit moment als kamermusicus, doe veel orkestwerk in Europese en Nederlandse orkesten en ik ben ook af en toe soliste, ik geef les en ontwikkel ook nieuwe interdisciplinaire cultuurprojecten met mijn eigen initiatief Wood Concerts.
Ik heb twee jaar geleden ook nog een studie International Management afgerond, een Business Study die ik graag wilde doen. Die heb ik wel een beetje gespecialiseerd op kunst en cultuur. Ik heb de afgelopen jaren ernaast gewerkt als cultureel entrepreneur en manage nu de PR van een jong Berlijns cultuurbedrijf. Samengevat combineer ik dus de paar dingen die ik leuk en belangrijk vind om te doen en dat probeer ik allemaal zo goed mogelijk op de rit te houden. Het is heel druk, ik ben eigenlijk altijd wel aan het werk. Als musicus werk je natuurlijk ook vaak in het weekend.

Als musicus moet je natuurlijk ook wel denken aan je eigen organisatie. Daar komt veel bij kijken. Reizen boeken, contacten onderhouden, je website, af en toe iets op Instagram zetten. Je bent dan altijd met verschillende dingen bezig. Het is af en toe best lastig, de balans zoeken. Iedereen weet dat musicus zijn een levensstijl is. En dat het ook wel zo is dat je daar toch heel veel voor over moet hebben en er eigenlijk ook voor 100% voor moet zijn. Het is niet makkelijk om er iets naast te doen en je tijd te verdelen. Je bent dan altijd een beetje aan het schipperen. Maar het is wel wie ik ben, mijn interesses liggen nu eenmaal op meerdere vlakken en ik ben erg blij er verbindend mee te kunnen zijn.

Hoe heeft de YMA je voorbereid op het leven dat je nu leidt?

Ik denk op onbewust niveau op veel dingen, want je wordt echt begeleid in de ontwikkeling in het kunnen gaan studeren als musicus. Wat heel fijn en belangrijk is, is podiumervaring. Ook het spelen met anderen, de communicatie met anderen, de regelmaat, het iedere week voor de les voorbereid bereiden en daardoor dus ook discipline.

Heb je tips voor de leerlingen van de YMA?

Twee dingen. Eén. Je moet echt leren jezelf niet te stressen! Het is allemaal heel spannend, maar het is ook heel belangrijk om te leren omgaan met bijvoorbeeld een teleurstelling. Ik zeg altijd: Er is nooit een reden om teleurgesteld te zijn in jezelf. Uiteindelijk nemen we uit iedere ervaring altijd iets mee waarvan je kunt leren, ook al is het een slechte ervaring. Dat hoort erbij. Die zijn juist heel belangrijk om verder te komen. Je wordt van iedere positieve ervaring sterker, maar van iedere negatieve ervaring word je misschien wel twee keer sterker. Vooral niet te veel druk op jezelf leggen, maar wel hard werken.

Wat ook belangrijk is, als tweede, is het leren kennen van de grote culturele wereld, (inter)nationaal gezien. Toen ik in Berlijn ging studeren, vers uit Tilburg, was ik. best naïef, een beetje onwetend. De YMA is een heel veilige omgeving enat is heel prettig en heel belangrijk, maar soms heb je daardoor ook een beetje het gevoel dat je op een eiland zit. Maar, er is nog heel veel meer in Nederland. Nederland heeft natuurlijk een ontzettend mooi cultureel aanbod, maar er is echt buiten Nederland echt nog heel veel meer. Je hoeft niet eens letterlijk contact te hebben met mensen, maar probeer in verbinding te staan. Wat is er nog meer, ga eens een keer naar een concert in Groningen,Amsterdam of in het buitenland. Volg een internationaal festival via streaming Doe eens mee aan een concours in Den Haag. Ga in het Nederlands Jeugdorkest, dat is heel belangrijk. Probeer je horizon af en toe eens een beetje te verbreden!